Mijn schoolervaringen als HSP-er en paranormaal begaafde

Een gastblog van Nina Platvoet, ervaringsdeskundige op het gebied van schooluitval en thuiszitters

Steeds als ik al de verhalen lees op deze pagina bekijk ik het door mijn ogen als
ervaringsdeskundige. Ik ben namelijk ook “zo’n kind” (geweest). Als dochter
van een suïcidale manisch-depressieve, schizofrene en alcoholistische vader
was mijn thuissituatie verre van veilig. Mij vader was onberekenbaar en
onbetrouwbaar, hoewel ik dat als jong kind niet echt kon bevatten. Mijn
spirituele HSP-moeder had het zwaar en was vooral druk bezig met zichzelf en
met haar hoofd boven water te houden.
Toen ik 10 jaar was ontplofte de bom. Mijn moeder pakte onze koffers en we
vluchtten ons huis uit omdat mijn vader niet alleen een gevaar werd voor
zichzelf, maar ook voor mij, mijn moeder en mijn zusje.
Dit alles had een grote impact om mijn prestaties en welbevinden op school.
Maar het begon eigenlijk al toen ik als 4-jarige naar school moest. Ik was altijd
uitzonderlijk vrolijk en levenslustig. Maar plots veranderde ik in een
zenuwachtig en schuchter kind. Het stralende was ervan af. Ik kon niet tegen
de regels en de autoritaire juf en werd al snel ziek. Mijn moeder hield me thuis
en de juf kwam praten. Uiteindelijk ben ik weer naar school gegaan, maar het is
nooit “goed” gekomen.
Nu weet ik dat ik hoog sensitief was (en ben) en dat ik helderziende
waarnemingen had die mij behoorlijk angstig maakten omdat ik ze niet kon
plaatsen. Toen ik oud genoeg was om het te verwoorden kon zelfs mijn moeder
er niet echt iets mee.
Op de basisschool bleef mijn angst voor leraren. Voor de macht die ze hadden
(zo ervaarde ik het) om mij dingen te laten doen die ik niet wilde. Ik kon niet
tegen het onder druk presteren. In de (toen nog) tweede klas kreeg ik
nachtmerries van de schrijfoefeningen omdat zaken als de “oe’s” en “au’s”
omdraaide en de juf duidelijk liet merken dat ze dat maar dom vond. En er
dikke strepen doorheen zette. Tot aan de derde klas liep ik steeds voor met
rekenen. En toen ineens lukte het niet meer. En raakte ik juist achter. Dat
ervaarde ik als een enorme teleurstelling in mijzelf.
De leraren waren onbetrouwbaar voor mij omdat ik voelde dat ze andere
dingen zeiden dan dat ze dachten. Nu weet ik dat ik in hun ziel kon kijken en
zag wie ze werkelijk waren. En ik zag en voelde hun pijn en verdriet. Hun
gedrag en uitingen kwamen daar eigenlijk nooit mee overeen. Dit heb ik al zeer
verwarrend ervaren. De buitenwereld was voor mij een gevaarlijke plek. Dit
legde een enorme druk op het leren. Omdat ik gevoelig was om het “goed” te
doen ging ik mijn best doen. Ik weet nog dat ik als 6-jarige begon met het
“pleasen” van de ander. Om goedkeuring te krijgen en gewaardeerd te worden.
De grondslag hiervan lag in mijn eigen aanleg, maar zeker ook bij het omgaan
met mijn vader (even goed kijken en aanvoelen hoe zijn pet staat om geen nare
reacties te krijgen).
Door de privé- situatie had ik het erg moeilijk op de middelbare school. Mijn
ouders waren in een scheiding verwikkeld, maar mijn vader was nog steeds in
beeld. Hij stalkte ons en heeft fysiek geweld gebruikt tegen mijn moeder waar
mijn zusje en ik bij waren. Dat duurde een paar jaar en daarna kwam hij
regelmatig “gewoon” bij ons thuis op bezoek. Maar de situatie bleef ongezond
en gespannen. Ook kwamen er regelmatig familieleden op bezoek die allerlei
problemen met zich meebrachten. Er was letterlijk en figuurlijk te weinig
ruimte voor mij. Achteraf vind ik het best vreemd dat er geen enkele leerkracht
aan mij gevraagd heeft hoe het ging. Want ze waren wel op de hoogte van hoe
het er thuis voor stond omdat mijn moeder ze had ingelicht.
Vooral de sociale omgang was voor mij erg lastig. Ik begreep de “groffe” wereld
nog steeds niet. Mijn angst voor leraren bleef, maar ik had tegelijkertijd
medelijden met ze als mijn klasgenoten over hen heen liepen en er een potje
van maakten. Op mijn 16 e kreeg ik depressieve gevoelens en begon ik Anorexia
te ontwikkelen. Ik kreeg angst om over straat te gaan en naar school te gaan.
Voelde mij lelijk, minderwaardig en dom. Toch wist ik dat thuis zitten geen
optie was omdat het dan voor mij alleen maar moeilijker zou worden om weer
naar school te gaan. En ik wílde studeren en een goede baan. Ik wilde niet zoals
mijn moeder financieel afhankelijk zijn, in de bijstand zitten zonder diploma en
met weinig kans op werk.
Uiteindelijk (gezien mijn gevoelens t.o.v. leraren een bijzondere keuze) koos ik
voor de lerarenopleiding. De vakken Gezondheidskunde en Biologie. Ik weet
nog het moment dat ik mij realiseerde dat ik mijn “natuurlijke intuïtieve” leren
losliet en het “verwachte” leren ging toepassen, terwijl ik wist dat het me veel
meer weerstand opleverde. Nu heb ik het vermoeden dat ik dat toch bewust
heb gedaan om het pad te volgen naar datgene waar ik bijna aan toe ben: het
opzetten van een spirituele school voor (hoog gevoelige) kinderen.
Dat is de rode lijn in mijn leven. Omdat ik ervaringsdeskundige ben heb ik
ervaren hoe het is om in het reguliere onderwijssysteem te moeten
“overleven”. Hoe het over macht gaat en niet over het echt welbevinden van
de leerlingen. Dat heb ik later als docent ook gevoeld. Totdat ik erachter kwam
dat ik haast verplicht werd het spel mee te spelen en ik voelde dat ik een acteur
was in een slecht toneelstuk! Ik kon het niet meer verantwoorden naar mezelf
en naar de leerlingen. De druk bij de leerlingen is groot, maar de pressie die er
uitgeoefend wordt op leraren valt ook niet te ontkennen. Het wordt niet echt
uitgesproken, maar is duidelijk voelbaar. O wee als je ziek bent. O wee als de
resultaten van jouw leerlingen onder de maat zijn. O wee als je de
absentieregistratie niet goed hebt bijgehouden. O wee als je er “teveel”
leerlingen hebt uitgestuurd, o wee, o wee……
Ik weet dat ik kinderen en hun ouders veel te bieden heb. Het onderwijs was
voor mij een harde leerschool op vele manieren. Nu heb ik er mijn les geleerd
en mag gaan doen wat écht bij mij past. Vanuit mijn authentieke zelf. Inmiddels
ben ik het “held” willen zijn ontstegen. Ik weet heel goed dat het hulpverleners
syndroom een valkuil is met een verleden zoals ik gehad heb. Dat ik kinderen
niet zozeer hoef te “redden”. Want het lijden van kinderen raakt mij omdat het
mijzelf pijn doet. Omdat het mij herinnert aan mijn eigen geleden pijn. Dat is bij
veel ouders zo. Het gaat meestal eigenlijk om het redden van (het kind in)
zichzelf. En daar ben ik nu mee bezig. Om mijn laatste pijnstukken van mijn
kindertijd te helen. Zodat het mij niet meer in de weg zit bij het ondersteunen
van kinderen en volwassenen.
Ik zie het zo: ik heb alles moeten ervaren om te kunnen doen wat ik voel dat
mijn zielsopdracht is. In dat licht kan ik nu dankbaar zijn voor alle ervaringen
die ik gehad heb. Ook al is het pijnlijk en verdrietig. Het is mijn weg en mijn weg
was nodig en het is goed zo. Ieder heeft zijn eigen proces en inzicht en begrip
daarvan is enorm helend.
Kinderen hebben naar mijn idee vooral begeleiding nodig. Om bij zichzelf te
blijven en in hun kracht te blijven staan. Om te leren hoe ze met zichzelf en hun
omgeving om kunnen gaan. Om zelfvertrouwen te krijgen en/ of te houden.
Niet hoe ze problemen kunnen voorkomen, maar hoe ze het vertrouwen
kunnen krijgen en houden om problemen het hoofd te kunnen bieden. Inzicht
te krijgen in hun passie en hun rol op deze aardbol. Om een zelfstandig
denkend en voelend wezen te zijn en eigen keuzes te kunnen maken. Om een
levenskunstenaar te worden en de wereld te dienen door te zijn wie ze zijn.
Hun ware zelf.

This entry was posted in Hoogbegaafd en Onderwijs, Passend Onderwijs, Thuiszitters. Bookmark the permalink.

Comments are closed.